De inhoudsstoffen van kruiden

kruiden met veel inhoudsstoffen op tafel

Ooit was er geen reguliere geneeskunde, want die bestaat pas ruim 100 jaar. Of nou ja, er was wel geneeskunde die in die tijd heel regulier was. Maar dat is wat wij nu de alternatieve geneeskunde noemen. Ooit gebruikte men kruiden proefondervindelijk. Er was nog geen wetenschappelijk bewijs dat bijvoorbeeld lavendel rustgevend werkt, maar toch zijn ze daar wel achter gekomen. In de huidige tijd zijn er laboratoriumtechnieken waarmee men inhoudsstoffen kan bepalen. In ieder kruid zit een scala aan inhoudsstoffen. Deze stoffen noemen we ook wel fytonutriënten. In dit artikel neem ik jullie mee in de reden waarom ik vertrouw op kruiden: ieder stofje doet iets, en vooral gecombineerd kunnen ze heel veel voor je betekenen.

“Laat voeding uw medicijn zijn en uw medicijn uw voeding.”

Hippocrates

Bitterstoffen

Zoals de naam al aangeeft, bitterstoffen smaken bitter. Ze zijn goed op te lossen in water en alcohol, en als je ze oplost in alcohol wordt de werking verhoogd. Wanneer de bitterreceptoren in de smaakpapillen in aanraking komen met bitterstoffen, komt er een reflex. De nervus vagus verhoogt de productie en uitscheiding van speeksel, maagsappen, gal, alvleeskliersappen, darmsappen en de werking van de peristaltiek gaat omhoog. Je kunt je voorstellen dat dit heel veel doet in het lichaam! De gevolgen zijn een toename van de eetlust en een betere werking van de maag. Ook de spijsvertering gaat erop vooruit. Je verteert je voedsel beter verteerd én je neemt de voedingsstoffen beter op. Ook is er minder kans op misselijkheid en braken. Voorbeelden van planten met bitterstoffen: duizendblad, wilde cichorei, paardenbloem, kamille, hop en goudsbloem.

Looistoffen (tannines)

Looistoffen of tannines zitten vaak in hogere planten en werken waarschijnlijk beschermend tegen infecties, insecten en planteneters. Deze inhoudsstoffen hebben verschillende werkingen.

  • Samentrekkend: looistoffen gaan een onoplosbare verbinding aan met zware metalen, alkaloïden, gelatines en eiwitten. Hierdoor ontstaat een oppervlakkig membraan dat samentrekt, beschermt en het onderliggende weefsel geneest. Fijn bij diarree en ontstekingen.
  • Ontsmettend: door de zojuist beschreven werking worden eiwitten van micro-organismen en wat zij uitscheiden onklaar gemaakt, dit werkt ontsmettend. Dat is fijn bij ontstoken maag- en darmslijmvliezen, maar ook bij ontstekingen van de slijmvliezen in de mond (denk aan aften!), tandvlees, strottenhoofd en keel.
  • Uitdrogend (afremmen van overmatige uitscheidingen): als je slijmvlies gezond is, doen looistoffen weinig. Maar wanneer het ontstoken is, remmen ze door de samentrekkende werking overdreven uitscheidingen. Dat is superfijn bij ontstoken slijmvliezen van neus, ogen of vagina.
  • Bloedstelpend: door de samentrekkende werking op ontstoken slijmvliezen, worden uitgezette oppervlakkige haarvaatjes samengetrokken. Daardoor worden bloedingen gestelpd en roodheid verminderd.
  • Ontstekingswerend: wanneer overdreven uitscheidingen verminderen, roodheid afneemt en de infectie wordt afgeremd, wordt een ontsteking geweerd.
  • Wondgenezend: omdat er een beschermend laagje ontstaat, overdreven uitscheidingen verminderen, overdreven vochtverlies wordt beperkt en infecties worden afgeremd, kun je looistoffen ook wel wondhelend noemen.

Voorbeelden van planten met veel looistoffen: duizendblad, zilverschoon, vrouwenmantel.

kruiden met veel inhoudsstoffen op een lepel

Flavonoïden

Dit is een hele grote groep inhoudsstoffen van wateroplosbare, organische en stikstofvrije verbindingen. Er zijn meer dan 6000 flavonoïden bekend, dus ik zal jullie maar niet vermoeien met zo ongelooflijk veel informatie ;). Wat leuk is om te weten is dat het vaak de kleurstoffen van een plant zijn. Je kunt er dus ook mee verven! Ik zal hieronder de werkingen van flavonoïden kort toelichten (n.b.: niet iedere flavonoïde is verantwoordelijk voor dezelfde werking!).

  • Bloedstelpend: samen met vitamine C helpen flavonoïden de haarvatwanden beschermen zodat deze stabieler zijn. Je krijgt dus minder blauwe plekken en de vaten gaan minder “lekken” (oedeem, spataderen).
  • Bevorderen de werking van vitamine C: flavonoïden en vitamine C bevorderen elkaars werking en opname.
  • Stimuleren de bloedsomloop: bloeddrukverlagend bij hoge bloeddruk, verbetert de doorbloeding en zorgt daarmee ook voor een betere werking van het hart. Ook is er een bevordering van de bloedcirculatie in de hersenen.
  • Vochtafdrijvend
  • Leverbeschermend en leverfunctiebevorderend
  • Krampwerend
  • Fyto-oestrogeen: het reguleert oestrogeen zodat een tekort wordt opgevangen, en een teveel wordt afgeremd.

Vitaminen en mineralen

Vitaminen zijn natuurlijke inhoudsstoffen die mega belangrijk zijn voor veel verschillende stofwisselingsprocessen en die niet of bijna niet door het lichaam zelf aangemaakt kunnen worden. Er zijn 2 verschillende soorten groepen in de vitaminen: de vetoplosbare vitaminen (A, D, E en K) en de wateroplosbare vitaminen (de vitamine B groep, vitamine C en bioflavonoïden, ook wel vitamine P genoemd). Voorbeelden van vitaminerijke kruiden zijn de hondsroos, die haar mooie rozenbottels krijgt. Deze rozenbottels zitten vol vitamine C en bioflavonoïden. Ook de brandnetel is rijk aan vitamine C, B11 en K.

Mineralen en sporenelementen zijn kristallijne stoffen die (soms heb je er weinig van) in levende wezens voorkomen en die belangrijk zijn voor de stofwisseling. We hebben ze echt nodig: als bouwstoffen voor ons skelet, als oplosbare zouten om de samenstelling van onze lichaamsvochten in balans te houden en als co-enzym voor de werking van enzymen en andere eiwitten. De mineralen die je in grotere hoeveelheden nodig hebt, zijn calcium, fosfor, ijzer, magnesium, natrium, chloor, kalium en zwavel. De mineralen die je in kleine hoeveelheden (en daarom worden deze mineralen ook wel sporenelementen genoemd) nodig hebt, zijn kobalt, koper, jodium, chroom, selenium, silicium, fluor, mangaan, molybdeen en zink. Voorbeelden van mineraalrijke kruiden zijn alfalfa, maar zeker ook weer brandnetel, die rijk is aan ijzer, boron, zink, silicium, en zwavel.

Rozenbottels boordevol inhoudsstoffen

Fenolen/Fenolzuren

Deze groep zuren heeft een overlap met de zogenaamde organische zuren. Fenolzuren zijn een afgeleide van benzoëzuur of kaneelzuur. Daar is weer een hele grote onderverdeling in waarbij ik niet in detail zal treden door de veelheid van informatie. Ik zal je wel uitleggen wat deze zuren kunnen doen! Deze zuren kunnen bitterstoffen bevatten en een galvormende en leverbeschermende werking hebben, ze kunnen ontstekingswerend zijn en infectiewerend zijn. Daarnaast hebben ze een pijnstillende werking. Ook kunnen ze vochtafdrijvend werken.

Coumarines

Coumarines zijn in sommige kruiden verantwoordelijk voor de geur van vers gemaaid gras. Ze zijn goed in alcohol oplosbaar. Coumarines kunnen de aderlijke bloedsomloop bij spataderen en aambeien bevorderen. Ze kunnen de lymfecirculatie bevorderen en beschermen de vaatwand. Ook hebben sommige kruiden een bloedvatverwijdende werking door de coumarines.

Tot slot

Dit was mijn proza over de verschillende inhoudsstoffen 😅. Uiteraard zijn er nog veel meer. Ik heb ervoor gekozen deze niet te beschrijven omdat deze minder of niet in mijn producten voorkomen. Als je dit nou super interessant vindt, en er meer van wil weten, let me know! Ik kan altijd mijn bronnen met meer informatie delen via de mail!

Vind je dit leuk? Deel dit dan op je socials!

2 gedachten over “De inhoudsstoffen van kruiden”

  1. Mijn nieren werk3n niet goed ik hou vocht vast heb beenkrampen en neuropathie in de voeten hoge bloeddruk diabetes 2een hele reeks wat is daar goed voor

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Scroll naar boven