Nummer 8 – Natrium chloratum

Natrium chloratum gaat om het gevoel. Het kunnen voelen. Nummer 8 helpt je bij het uitscheiden van metallieke en biologische vergiffen. Dit mineraal zorgt voor je vochthuishouding en zodoende ook je warmtehuishouding. Het is belangrijk voor je celdeling en dus ook voor het vormen van nieuwe cellen. Het zorgt voor de opbouw van weefsels (samen met nummer 2 en 5). Alle niet doorbloede weefsels (dat zijn gewrichtsbanden, pezen en kraakbeen) gebruiken Natrium chloratum bij hun stofwisseling. Slijmstof wordt gebonden en vastgehouden. Heb je een tekort? Dan scheid je glazig slijm uit. Denk hierbij aan allergieën (bv. Hooikoorts!). In de maag zorgt Natrium chloratum voor zoutzuren. Als je een tekort hebt, voel je een branderig gevoel in je keel. Dit mineraal bindt water, dus superbelangrijk bij verbrandingen. Dit zout wordt veel verbruikt wanneer je last hebt van psychosociale spanning (denk aan een enge film) en straling.
Mentaal: wanneer je moeite hebt met wat er allemaal op je af komt. Wanneer je moeite hebt met verwerken. Wanneer je het lastig vindt om met de tijd mee te gaan. Wanneer je je teleurgesteld voelt. Als je alles hebt gedaan om een ander tevreden te stellen en het nóg niet genoeg is. Het gevoel dat je er niet bij hoort. Wanneer je aan de verwachting van een ander moet voldoen en op alles een antwoord moet weten. Het gevoel dat je verdwijnt in de massa. Wanneer je moeite hebt met het verwerken van verdriet en verlies.
Wanneer past dit nou echt bij jou? Als je verkouden bent en veel waterig slijm uitscheidt. Bij tranende, maar ook het tegenovergestelde, droge ogen. Bij droge slijmvliezen. Bij krakende gewrichten en artrose. Koude handen en voeten. Bij een branderig gevoel in de slokdarm. Als je superdorst hebt, of juist geen dorstgevoel maar wel wat zou moeten drinken. Bij hoge bloeddruk. Bij een droge huid of droog haar. Bij verlies van reuk of smaak. Bij gezwollen knieën, tussenwervelschijven, gewrichten, pezen en gewrichtsbanden. Bij jicht. Bij insectenbeten. Wanneer je juist heel veel of heel weinig zweet. Bij brandwonden. Wanneer je heel veel zin hebt in zout. Wanneer je zin hebt in zout en gekruid eten.
Vragen: heb je koude handen/voeten? Zweet je veel of juist weinig? Heb je zuur in de slokdarm? Heb je een chronische loopneus? Heb je problemen met je bijholtes? Heb je last van hooikoorts of andere allergieën? Heb je last van droge ogen of jeukende ogen? Heb je last van droge slijmvliezen? Voel je je ’s ochtends uitgedroogd? Heb je last van waterige diarree? Heb je last van een hoge bloeddruk? Heb je last van krakende gewrichten?
Gezichtskenmerken: grove poriën, rode ooglid randen, droge huid, droog haar, roos, slakkenspoor ooglid, gelatine glans, sponsachtige kin en neus, bolle wangen.
